Boven: tekst
Jezus Maria Jozef
Midden in:
Afbeelding van Maria-Jozef en kindje Jezus
Onder:
Tekst: Neer
Aan de zijkanten de tekst in vaan:
links: Allen nemen wij
Rechts: Onze toevlucht tot U
Vaandelwijdingsfeest
Het inwijdingsfeest van het aangeschafte vaandel vond plaats op zondag, 13 juli 1913. Het vaandel werd door alle leden in optocht afgehaald bij de kapelanie onder begeleiding van de fanfare. In de kerk aangekomen, werd het ingepakte vaandel op het priesterkoor opgesteld. Eerst vond een ‘gewone vergadering’ plaats die geleid werd door pater Lubbers, die ook de feestrede hield. Na de leden “hulde en dank gebracht te hebben voor hunne milddadigheid” verzocht hij de directeur over te gaan tot de onthulling van het vaandel. Secretaris Breukers beschrijft de onthulling van het vaandel als volgt: “En daar prijkte het in volle pracht ten aanschouwe der bewonderende leden en nieuwsgierigen die toegestroomd waren om deze grootsche plechtigheid bij te wonen. Na het met gloed gezongen lied ‘Omhoog de vaan!’ zette de eerw. Pater zijne feestrede voort en spoorde in gloedvolle taal de leden aan steeds trouw te blijven aan hun vaandel en dikwijls de spreuk te herhalen die in gulden letters daarop schitteren om het beeld van het Heilig Drietal - Jezus, Maria, Joseph, wij nemen allen onzen toevlucht tot U.”
Vaandeldragers
Op 3 augustus 1913, drie weken na het vaandelwijdingsfeest, werden tijdens de vergadering van bestuur en prefecten de vaandeldragers benoemd. Johannes Andreas van Cruchten werd benoemd tot eerste vaandeldrager. Gelijktijdig werden Jacobus Hubertus Luijten (Sjoe Koeab) en Michiel Niessen (Gerheggen) benoemd tot assistent-vaandeldragers.
Vaandel voor de eerste keer ingezet
Op vrijdag, 15 augustus 1913 werd aan de Onze Lieve Vrouwe kapel in Neer een buitengewone vergadering gehouden, samen met de afdeling van de H. Familie van Haelen. Onder begeleiding van fanfare De Eendracht trokken de leden van de H. Familie vanuit de kerk naar de ‘Ghoorder’ brug, waar de H. Familie van Haelen met een woord van welkom werd ontvangen. Daarna werd gezamenlijk naar de kapel getrokken, “waar een buitengewoon groote schare van geestelijken en geloovigen vergaderd was.” Bij de kapel aangekomen, schaarden zich de leden van beide afdelingen van de H. Familie in dichte rijen cirkelsgewijze onder de linden, waarna de ‘gewone vergadering een aanvang nam.
Met “gloed en overtuiging verkondigde de directeur van de H. Familie van Haelen tijdens de vergadering de lof van Maria. Na afloop begaf men zich onder het zingen van Marialiederen en voorafgegaan door het nieuwe vaandel in processie kerkwaarts, waar de zegen met het Allerheiligste werd gegeven.